over prikkels, drama's en rust. En andere alledaagse opvoedraadsels

Einde-van-het-schooljaar-moeheid

Waarschijnlijk voor iedere ouder herkenbaar, het einde van het schooljaar vermoeidheid. Ineens moet alles nog gedaan, gevierd en afgemaakt worden. Alle afsluitingen buiten school, kampen, feestdagen, festiviteiten. En vaak veel verjaardagen in het voorjaar. Gewoon door stapelen, doorgaan, verstand op nul en gaan. Maar hoe komen we er door heen, hoe slaan we ons er door heen?

Avond 4 daagse

Vaders en ik vinden de avond 4 daagse (in ieder geval hier) één grote chaos. Zodoende hebben we een paar jaar geleden niet met school, maar met het gezin gelopen. Het jaar erna wilden dochters #1 en #2 met school, maar hebben wij ons niet op gegeven. Begeleiders genoeg 😉 Dochter #3 heeft een paar jaar niet mee mogen doen, er komen zo veel prikkels bij kijken en het ritme is zo ontzettend anders. Dit jaar wilden ze graag weer mee doen. Dochter #1 niet, die zit nu op middelbaar. Dochter #2 liep 10 km, kanjer. Die gaat wel, die doet wel. Dochter #3 mocht ook mee doen, als je het niet probeert, dan weet je niet hoe het gaat. Die week zet ik dan stand ‘overleven’ aan. Maar ondanks mijn verwachtingen ging het verbazingwekkend goed. Duidelijke afspraken gemaakt, thuis vrijwel meteen door naar bed. Ineens wordt ze dan groot. Wat volgens mij ontzettend mee telt, is dat ze het zelf wilt. Ze kiest er zelf voor om mee te lopen en wil het ook echt. Maandagochtend ging het even helemaal mis, vanwege de spanning. En hoewel ik normaal zelden zeg: “dan mag je dat niet doen” omdat ze dan zegt: ‘prima ik blijf wel thuis’; heb ik deze keer echt duidelijk gemaakt als ze zich zo ging gedragen, ze echt niet mee mocht doen. Zij koos ervoor mee te doen, dan hoeft ze niet ineens ontzettend vervelend te doen. En ze bond vrijwel direct in. Missie avond 4 daagse: GESLAAGD

Schoolreis

Nog zo’n feest, een dag met school naar een pretpark. Hoeveel prikkels wil je hebben. Ik weet nog zo goed dat één van de eerste keren dochter #3 een hele week lang moeilijk deed. Ze kleedde zich niet aan, ze at niet zelf. Alles wat ze zelf kon en normaal ook deed, wilde ze ineens niet meer doen. Die donderdag viel het kwartje, we wisten toen nog niet zo veel als we nu weten, het was schoolreis. Heel de week is ze daarmee bezig geweest. En je kan niet nadenken over wat je donderdag aan moet trekken en met wie je weg bent en dan ook nog aankleden. Inmiddels weten we beter. We hebben een paar dagen van te voren een weer en dus kleding check, we halen lekkere en gezonde broodjes in huis. Maandagavond was alles klaar gelegd en dinsdag kon ze gaan. Maak afspraken, bespreek alles en als het duidelijk is, dan kan dochter #3 er helemaal tegenaan. We zouden bij oma eten ’s avonds en ze zat tegenover me. Zo moe. Zo ontzettend moe. Helemaal op, leeg en verzadigd. Zo moe, dat ze niet eens dwars was. Eerste fase van moe: heel druk doen. Tweede fase van moe: dwars doen. Derde fase van moe: niks meer kunnen. Derde fase was bereikt. Op zo’n moment neem je over, doe je voor haar. Even niks meer willen, verlangen, vragen. Gewoon kleren uit, onder de douche zetten (huil maar even door) en in bed leggen met een knuffel. Vertel morgen maar verder. Ze heeft een leuke dag gehad. Missie schoolreis: GESLAAGD

Al die andere bezigheden

Het gezicht van dochter #3 is te lezen. Die totale uitputting kun je zien, soms trekt ze zich (in gedachte) terug uit de drukte en dan zien wij afwezigheid. Spanning zien we meteen. Dat is in deze periode wel handig. Want het zijn natuurlijk allemaal hele leuke dingen waar je wel heel graag aan mee wilt doen. En dat mag ze ook. Wij vinden het belangrijk dat ze mee doet en ervaart wat het doet met haar. Dat ze daarvan kan leren hoe ze ermee om moet gaan, keuzes gaat maken. – Was de activiteit zo leuk, dat ik deze vermoeidheid ervoor over heb? Dat bespreken we soms achteraf. Dat ze zelf gaat inzien, wat ze wilt en kan. Wij sturen aan, altijd, maar vooral in deze tijd. Je mag moe zijn, maar neem dan je rust. Je hebt deze week al drie gekke dingen, zou je nu wel gaan afspreken? En zo ploeteren we door, we zwoegen, we overleven. En dan krijg je steeds vaker in de gaten, dat ze ouder wordt, dat ze grenzen en zichzelf leert kennen. Dat je ineens niet zo hard hoeft te ploeteren als anders, dat je even achterover kan gaan zitten. En dat iets kleins en onbenulligs wel ineens voor spanning kan zorgen. En dat je dan ineens weet hoe je ermee om moet gaan. Missie groei en ontwikkeling: POSITIEF IN ONTWIKKELING


signature

Geef een reactie