’En toen hebben ze zonder iets te zeggen mijn pyjama op de grond gesodemieterd.’ Oeps, denk ik dan. Als ik boos word, zeg ik zulke woorden. Als ze voor de duizendste keer de kleren op de grond gooien, dan roep ik boos, sodemieter het maar op de grond alsof het een dweil is. Ik weet dat ik boos ben, dat ik zulke woorden beter niet kan zeggen. Maar ja, fouten maken we allemaal.

Zonder nuance

Soms let ik op taal. Taal kan een dingetje zijn voor mensen met een afwijking in het autisch spectrum. Ik vind taal leuk en interessant. Dus ik let er wel eens op. Ik denk er over na. En soms denk ik; ‘oeps’. Dochter #3 wil nog wel eens in haar spreektaal woorden van mij herhalen, gebruiken in haar praten.  Zonder de nuance die ik eraan geef. Eerlijk is eerlijk, slaat nergens op, maar met die nuance verantwoord ik mijn taalgebruik voor mezelf in bepaalde situaties. Zonder die nuances zou ik die woorden natuurlijk nooit gebruiken. Dat is echt niet netjes…. Maar dan ineens die spiegel. Een dochter die alles letterlijk neemt en leert. En wat haar moeder zegt, dat mag zij natuurlijk ook.

Kracht

Volgens mij een echte kracht van dochter #3 is dat ze luistert en leert. Als ik er zo over nadenk, denk ik dat ze heel goed oppikt wat wij zeggen. Letterlijk. En dat herhaalt. Moeilijk uitleggen wat ik bedoel. Zo was ik boos toen ik sodemieteren zei. Nu zij over haar pyjama sprak was ze niet boos, maar ze zag in dat het een situatie was waarover ik weleens boos word. Een situatie waarvan ze zelf ook niet gecharmeerd was, al deed ze er niks aan. En dus mag je zulke woorden gebruiken. In je spreektaal. Zonder echt boos te zijn. Maar dan klinkt het zo vreemd, voor mij althans.

Grapjes

Zo ook grapjes. Dochter #3 probeert zo vaak grapjes te maken, moppen te vertellen of te verzinnen. Maar ze zijn niet leuk. Een mop kan ze niet vertellen, omdat ze de nuance mist. Vaak moeten we de clou uitleggen met een ‘oh, jaa!’ als reactie. Maar je kan een mop niet vertellen als je zelf niet weet wat de clou is. Als je een mop vertelt, moeten mensen lachen en dus ben je leuk. Zelf denk ik dat dat de achterliggende gedachte is, waarom ze moppen blijft verzinnen.

Zeg waar het op staat

Onbewust zijn wij heel direct geworden in taal. Geen verborgen opmerkingen, geen omwegen, gewoon zeggen wat je bedoelt. Dan komt het meteen aan, wordt het begrepen en (hopelijk) naar geluisterd. Maar dat is weer iets anders. Echt bewust ben ik me daar niet van. Tot ik mijn moeder is geweest. Zij gebruikt geregeld omwegen. Zo zei ze laatst: ‘ga maar snel verder met de afwas, voordat hij wegloopt’ Dat kan afwas niet, weglopen. Zeker niet omdat de stop in de gootsteen zat. Dan moet ik uitleggen dat het een manier van zeggen was. En ik leg mijn moeder uit, dat ze zo’n opmerking niet snapt. Zelf maak ik graag dubbelzinnige opmerkingen, ik speel met taal. Dat deden we vroeger al, hou ik van. Beetje scherp af en toe, moet kunnen. Zo kon ik er zelf heerlijk om lachen toen dochter #1 een onzinnige opmerking maakte over de betekenis van een woord. Het onverwachte van taal kan zo lekker zijn. Dus ondanks dat we direct en rechtstreeks moeten zijn, omdat dat gewoon het beste werkt in dit gezin, hoop ik nog vaak te kunnen genieten van taal. Van de dubbelzinnigheid van dochters #1 en #2 en van het gebrek aan nuance van dochter #3, want ook daar kan ik heerlijk van genieten. Zo lekker direct.


signature
Volg hier voor meer leuke info